Echografie

Bij echografie wordt er gebruik gemaakt van hoog-frequente geluidsgolven.
Deze geluidsgolven hebben een te hoge frequentie om door het menselijk oor gehoord te kunnen worden. De golven worden uitgezonden door een zender  (transducer) die op de huid geplaatst wordt, waarbij gebruik gemaakt wordt van neutrale transparante contactgel. De golven worden teruggekaatst door het lichaamsweefsel en weer opgevangen door de transducer.

De verschillende weefsels in het lichaam absorberen en weerkaatsen de geluidsgolven in verschillende mate en de software op de computer vertaalt de geluidsgolven naar elektrische signalen die op het scherm verschijnen als grijswaarden. Op deze manier verschijnt op het scherm een echo afbeelding van de weefsels. Hierdoor zijn botweefsel, gewrichten, spieren, pezen, zenuwen, bloedvaten, bindweefsel, huid en vetweefsel zichtbaar te maken.

E.e.a. kan ondersteunend zijn bij het stellen van de juiste diagnose, waarna het behandelplan opgesteld en uitgevoerd kan worden.